Fantastisch boek. Bij toeval gekregen en bijna niet weg kunnen leggen. Toegegeven, er zal was nationalistische trots bij komen, maar 't is hoe dan ook een prachtig historisch boek.
"Dekker [Multatuli] speelde een essentiële, maar excentrieke rol bij vrijwel alle belangrijke strijdpunten van zijn tijd. De ene actiegroep na de andere werd door hem geïnspireerd, om vervolgens door hem te worden bestreden. Dit gold vooral voor de antikoloniale stroming die zich langzamerhand ontwikkelde. Max Havelaar had aan de wieg van deze beweging gestaan, maar zoals gebruikelijk nam Dekker er al snel afstand van. Hij blijk zijn boek namelijk niet te hebben bedoeld als pleidooi voor afschaffing van het kolonialisme. Dekker beschouwde zichzelf juist als een kolonialist. Wat het dwarszat, was het onvermogen van de Nederlandse bestuurders om het systeem volledig door te voeren. Het koloniale bestuur moest de Nederlandse wet handhaven. Volgens de Nederlandse wet was het machtsmisbruik dat hij in de Oost had gezien verboden. Toch hadden de Nederlandse bestuurders toegelaten dat het bleef voortbestaan. Dekker wilde niet van het koloniale systeem af, hij wilde het versterken."
"... dat de strijd tegen de zee op twee schijnbaar tegengestelde factoren berustte: het was een project dat zowel een hechte gemeenschapszin als een sterke mate van individualisme stimuleerde. Stel je voor: een groep mensen die in de middeleeuwen op het strand staat, naar zee kijkt en besluit een deel van die zee in land te veranderen. Dat lukt alleen met keihard werken, en de intensieve samenwerking die dat vereist wordt vanzelf een sterke bindende factor in zo'n gemeenschap. Dat geldt ook voor de langetermijnvisie die vereist is voor het aanleggen en onderhouden van een stelsel van dammen en dijken om het water uit de polder te weren. Daarbij werd het ingepolderde land bovendien niet, zoals elders in Europa het geval zou zijn geweest, eigendom van kerk of koning: het was van de burgers zelf. Zij konden de grond kopen, verkopen of pachten. Die protokapitalistische economische macht kweekte een individualistische mentaliteit. Maar dat was alleen mogelijk dankzij de onderliggende maatschappelijke verbondenheid."
"Die eerste [17e eeuwse] stadsuitbreiding, waar Amsterdam zijn typische grachtenpanden aan te danken heeft, was een soort reactie op de monumentale architectuur van steden als Parijs en Londen: die had uitgestraald dat de grootheid van deze stad niet besloten lag in instituties maar in mensen, hun gezin en hun alledaagse leven."